1.11.14

Waarom je maar beter niet perfect kunt zijn.

SSSuper - Bianca van Baast
Ik was een jaar of zes toen mijn buurjongen mij waarschuwde; “Na de zomervakantie ga je naar de basisschool en dan kom je bij Juffrouw Rosemarie in de klas. Zij is héél erg streng.”

De opmerking maakte me bang en bezorgde me nachtenlang nachtmerries. Uit angst om de juf (of anderen) boos te maken probeerde ik vanaf dat moment in alles perfect te zijn. Helaas is dat, niet alleen voor mij maar voor elk mens, een hopeloze zaak. Want hoe hard je ook je best doet, er zal altijd een ander zijn die ergens slimmer, mooier of handiger in is. En het is onmogelijk om perfect te zijn als je niet eens weet wat een ander verstaat onder perfectie. 
Perfect zijn is dan ook ontzettend vermoeiend (maar dat geef je natuurlijk nooit toe, want dan moet je bekennen dat je imperfect bent).

Eigenlijk zijn we allemaal op de een of andere manier geobsedeerd door perfectie. We willen het ideale lichaam, een baan met aanzien, een perfecte ouder zijn, hoog scoren tijdens toetsen enzovoort. Perfectie beloofd ons bewondering, status en respect. Toch gaat dit niet altijd op.

Een familielid vertelde me over een prille vriendschap waarin ze zich erg onzeker voelde omdat de ander zo perfect leek. Toen ze dit uitsprak naar haar nieuwe vriendin was die erg verbaast. Zij had namelijk niets van die onzekerheid gemerkt en bekende dat het bij haar ook niet allemaal van een leien dakje ging. Het tonen van zoveel kwetsbaarheid zorgde er voor dat hun vriendschap vanaf dat moment alleen maar hechter werd.

Sociale psychologie noemt dit het Pratfall Effect; imperfectie bij competente mensen maakt aantrekkelijk en toegankelijk. Waarschijnlijk maakt dat het werk van Brené Brown zo succesvol. Ze onderzoekt niet alleen ‘kwetsbaarheid’, maar stelt zichzelf ook kwetsbaar op in haar boeken en lezingen. 



In ‘De moed van imperfectie’ stelt de schrijfster dat courage, het Engelse woord voor moed, komt van cor, het Latijnse woord voor hart. Courage betekend dus eigenlijk ‘zeggen wat je op je hart hebt’. Door je te laten leiden door je hart
creëer je compassie voor jezelf en handel je vanuit je gevoel. Perfect proberen zijn is daar het tegenovergestelde van. Je ‘bedenkt’ wat perfectie is en handelt op een manier die tegen je natuur in gaat. Dit brengt vaak ongemakkelijke situaties met zich mee. In mijn geval verlamt het me, wat weer leidt tot stotteren, black outs en onhandigheid. Maar zodra ik naar mezelf kan kijken met compassie, ontspan ik, vertrouw ik op mijn intuïtie en vind ik veel makkelijker een creatieve oplossing voor elke situatie.

Ooit las ik over indianen die elk lid van de stam aanmoedigt om 20 fouten per dag te maken. Stel je eens voor hoe het zou zijn als onze maatschappij dit idee zou omarmen. Dan zouden we allemaal denken als Thomas Edison, die na duizenden pogingen eindelijk de gloeilamp uitvond: “Ik heb niet gefaald. Ik heb enkel 10.000 manieren gevonden die niet werkten.”

Geen opmerkingen:

Een reactie posten